Modepauze: waarom ik zoveel minder kleding koop

Een aantal maanden geleden ruilde ik mijn vaste baan in voor een bestaan als freelancer. Ik had niet de illusie dat ik mezelf vanaf dag één een dik salaris zou kunnen uitkeren. In aanloop naar het runnen van mijn eigen toko nam ik daarom mijn financiën eens goed onder de loep. Ik wist dat ik best vaak nieuwe kleren en schoenen kocht, maar realiseerde me niet dat ik dat voor honderden euro’s per maand deed.

Daar moest maar eens een streep doorheen. Niet alleen omdat ik dat geld veel beter kan gebruiken (boodschappen, hypotheek, pensioen!) maar zeker ook omdat het onzin is om telkens zoveel nieuwe kleren aan te schaffen.

 

Uit onderzoek van de Hogeschool van Amsterdam blijkt dat Nederlanders gemiddeld 46 kledingstukken per jaar kopen (inclusief schoenen en accessoires). Jaarlijks gooien we ook 40 kledingstukken weg. Slechts een klein deel daarvan wordt gerecycled.

 

Om dat recyclen te stimuleren hebben grote modeketens als Zara, H&M en C&A tegenwoordig inzamelingspunten voor oude kleding in hun winkels. Ook De Bijenkorf start nu een campagne, Fashion Exchange, waarbij klanten in de eerste twee weekenden van augustus hun afgedankte kledingstukken in de winkel kunnen inleveren in ruil voor een waardebon. Bij inlevering van minimaal 6 items ontvang je 20 euro shoptegoed (te besteden bij een aankoop vanaf 100 euro). 

 

Sinds ik van deze initiatieven weet gooi ik nooit meer kleding in de prullenbak. Beter nog: ik probeer zo min mogelijk items in mijn kast te hebben die ik weinig draag. Dat gaat het makkelijkst als ik ook zo min mogelijk koop. Deze zomer heb ik helemaal geen nieuwe kleding gekocht, op een bikini na. Een heuse duurzaamheidsridder zal ik nooit worden, maar ik wil wel mijn best doen om verstandiger en vooral minder te shoppen.

  

N.B. dit artikel is niet gesponsord.